Delen:

5 vragen beantwoord over de Omgevingswet

Op 1 januari 2022 is het zover, de nieuwe Omgevingswet wordt ingevoerd. Hoewel dat nog ver weg lijkt, zijn gemeenten al een flinke tijd volop in beweging. Wellicht weet je al dat het een grote verandering betreft binnen het ruimtelijk domein, maar zou je ook graag op hoofdlijnen willen weten wat er momenteel gaande is. Daarom vroegen wij onze adviseur en docent Ruud Otte om in simpele, heldere taal uit te leggen wat de belangrijkste veranderingen zijn voor gemeenten en burgers en onze vragen te beantwoorden. Lees onderstaand artikel om helemaal up-to-date te zijn over de Omgevingswet!

1. Wat is de Omgevingswet?

De nieuwe Omgevingswet is een hele brede wet: heel veel onderwerpen die nu in allerlei verschillende wetten zijn ondergebracht, worden straks onderdeel van één wet. Je kunt daarbij denken aan onderwerpen als ruimtelijke ordening, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Het verzamelen van al deze regels in één wet maakt de regelgeving eenvoudiger, waardoor het beter op elkaar is afgestemd. Vereenvoudiging van regelgeving en het verkorten van de proceduretijd moeten vervolgens leiden tot snellere vergunningverlening.

Het kernbegrip van de Omgevingswet is de ‘fysieke leefomgeving’. Dat is in feite alles wat je om je heen kunt zien, voelen, ruiken, horen en waarnemen. Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen het beschermen van de fysieke leefomgeving en het benutten ervan om te voorzien in maatschappelijke behoeften. We willen zorgen voor een veilige en gezonde leefomgeving en tegelijkertijd kunnen voorzien in ons levensonderhoud.

2. Wat betekent de Omgevingswet voor burgers?

Als burger zal je in eerste instantie niet veel merken van deze nieuwe wet. Maar als je zelf plannen hebt om te gaan bouwen, een ontwikkelaar in je buurt plannen heeft of als de gemeente het beleid gaat aanpassen, dan kom je de Omgevingswet wel tegen. Het aanvragen van vergunningen kan straks in veel gevallen digitaal bij één loket. Als je in de sloot achter je tuin een steiger wil bouwen dan moet je daarvoor nu eerst nog langs bij de gemeente en bij het Waterschap. Straks vul je één aanvraagformulier in, in het Digitaal Stelsel Omgevingswet en daarmee is je aanvraag klaar. In dat Digitale Stelsel vind je ook alle plannen van de overheid terug, die spelen in de fysieke leefomgeving.

De Omgevingswet biedt meer ruimte voor initiatief en voor ontwikkeling. Dat is prettig als je zelf plannen hebt, maar ook een ontwikkelaar krijgt meer vrijheid. Die ontwikkelaar moet straks wel burgers in de omgeving op een vroeg tijdstip betrekken bij de plannen. Als burger kun je dus meepraten over ontwikkelingen in je buurt en daar invloed op uitoefenen. Ook als de gemeente zelf plannen opstelt kan je als burger participeren en zaken naar voren brengen die je van belang acht.

3. Wat betekent de Omgevingswet voor gemeenten?

Gemeenten moeten een omgevingsvisie opstellen. Dit is een strategisch plan dat betrekking heeft op alle terreinen van de leefomgeving en de samenhang ertussen. De omgevingsvisie gaat in op ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. Ook rondom de omgevingsvisie vindt participatie plaats. De visie wordt vervolgens vastgesteld door de gemeenteraad. Participatie en vaststelling door de gemeenteraad zorgen, vervolgens voor een visie die gedragen wordt door de gemeenschap. Burgers en raadsleden actief betrekken bij de visievorming is daarbij wel noodzakelijk.

In een visie geeft de gemeenteraad aan wat de hoofdlijnen van het beleid zijn voor de langere termijn van de komende 30 jaar. Het is daarom niet handig om al te gedetailleerd aan het werk te gaan. Nadere uitwerking van de visie gebeurt later in het gemeentelijke omgevingsplan. Het omgevingsplan is het juridische kader waaraan de gemeente in de toekomst vergunningaanvragen toetst.

4. Wat kan gemeenten helpen om een succesvolle (cultuur)verandering te bewerkstelligen?

De wetgever heeft aangegeven dat de Omgevingswet niet alleen gaat over nieuwe integrale wetgeving, maar ook om een verandering van houding en gedrag. De verandering zou zelfs voor 80% in deze vaardigheden zitten en slechts voor 20% in de wetgeving. De rijksoverheid denkt daarbij vooral aan de uitvoerende ambtenaren die terughoudend zijn met plannen die niet passen in het vastgestelde beleid. Hierbij moet niet worden vergeten dat een verandering in het ambtelijk apparaat alleen succesvol kan zijn als ook burgers, ontwikkelaars, raadsleden en wethouders meegaan in die verandering.

Toetsen aan regels is een andere vaardigheid dan het gesprek aangaan met initiatiefnemers. Het is daarom van belang om niet alleen kennis over de Omgevingswet maar ook de vaardigheden die nodig zijn aan te leren. Door te oefenen met casussen en het gesprek aan te gaan met de medewerkers kunnen nu al communicatieve vaardigheden worden aangeleerd. Die komen die straks goed van pas bij het begeleiden en beoordelen van participatietrajecten en de gesprekken met initiatiefnemers, burgers, collega’s en alle andere stakeholders.

Met de Omgevingswet komt er ook meer ruimte voor lokaal maatwerk. Een gemeente kan bijvoorbeeld zelf gaan bepalen of voor het bouwen van een bepaald bouwwerk een vergunning nodig is of niet. Gemeenten kunnen zich zelf helpen door nu al na te denken over de onderwerpen waar die beleidsvrijheid vanaf 2022 realiteit zal zijn. Participatie kan ook nu al, dus leg je vragen vooral ook voor aan de inwoners van je gemeente om op te halen wat daar belangrijk wordt gevonden.

5. Hoe zorgt de nieuwe Omgevingswet voor méér maatschappelijke impact?

De Omgevingswet zorgt niet alleen voor een integratie van wet- en regelgeving vanuit de 24 wetten die er in op gaan. Het voegt ook onderwerpen toe die traditioneel niet als onderdeel van de fysieke leefomgeving worden gezien. Gezondheid is één van de thema’s die specifiek wordt benoemd in de wet. De gemeenteraad kan de aandacht voor dit thema borgen door er een prominente rol aan toe te kennen in de omgevingsvisie. Een gemeente kan vervolgens regels opnemen in het omgevingsplan die specifiek bedoeld zijn om de gezondheid van omwonenden te waarborgen.

Gemeenten krijgen meer beleidsvrijheid. Door lokaal maatwerk toe te passen kan bijvoorbeeld gemakkelijker woonoverlast worden tegengegaan in een achterstandswijk. Op dit moment wordt dit onderwerp geregeld in verschillende wetten en lokale verordeningen. Al die regels kunnen worden gebundeld in het gemeentelijke omgevingsplan. Ook andere onderwerpen die op dit moment lastig te regelen zijn kunnen een plek rijgen in het omgevingsplan, denk aan overlast door de houtkachel van de buren.

Voorwaarde voor een succesvolle aanpak is het betrekken van organisaties en gemeentelijke afdelingen die traditioneel niet betrokken worden bij het fysieke domein. Daarbij valt te denken aan de GGD, het gemeentelijke WOZ-loket, woningbouwcorporaties en welzijnsorganisaties.

Wil jij nog meer weten over wat er allemaal komt kijken bij de implementatie van de Omgevingswet?

Onze Academie staat altijd voor je klaar met een uitgebreid aanbod aan opleidingen en trainingen, ook op het gebied van de Omgevingswet! Ook in deze tijd bieden wij voldoende online, interactieve scholingsmogelijkheden voor jou als professional! Benieuwd naar de mogelijkheden? Bekijk dan ons aanbod.

Delen:
Top